Deze website maakt gebruik van cookies die uitsluitend nodig zijn voor de goede werking ervan. Je kan deze niet weigeren indien je deze website wenst te bezoeken. Het BIPT gebruikt geen cookies voor analytische doeleinden.

Toegang tot de nooddiensten

De telecomwet maakt een onderscheid tussen twee soorten van nooddiensten:

de nooddiensten die ter plaatse hulp bieden, namelijk:

  • de medische spoeddienst (100 en 112);
  • de brandweerdiensten (100 en 112);
  • de politiediensten (101 en 112);
  • de civiele bescherming (100 en 112);

de nooddiensten die vanop een afstand hulp bieden, namelijk:

  • het antigifcentrum (070 245 245);
  • de zelfmoordpreventie (0800 32 123, 02 649 95 55 en 1813);
  • de teleonthaalcentra (106, 107 en 108);
  • de kindertelefoondiensten (102, 103 en 104);
  • het Europees centrum voor vermiste en seksueel misbruikte kinderen (110 en 116 000).

De voornaamste verplichtingen van de operatoren zijn de volgende:

  • de burger in staat stellen om gratis en zonder onderbreking de nooddiensten te bellen en de oproep leiden naar de beheerscentrale van de nooddiensten die bevoegd is voor het geografische gebied waar de noodoproep vandaan komt;
  • de nooddiensten prioritair toegang tot hun netwerken en diensten verlenen en op het stuk van opheffing van storingen diezelfde diensten voorrang geven;
  • tijdens de oproep naar de nooddiensten die ter plaatse hulp bieden aan deze laatste de plaats van de beller meedelen, alsook zijn naam en zijn voornaam;
  • meewerken aan de strijd tegen kwaadwillige oproepen naar de nooddiensten die ter plaatse hulp bieden;
  • aan het BIPT een incident melden dat een impact heeft op het netwerk, en daardoor de toegang tot de nooddiensten via dat netwerk treft;
  • aan de nooddiensten die ter plaatse hulp bieden, via een fonds dat beheerd wordt door het BIPT, bepaalde kosten terugbetalen die deze nooddiensten hebben gemaakt.

De mobiele operatoren moeten ook onder andere doven of slechthorenden of personen die een ander handicap hebben waardoor ze geen spraakoproep kunnen verrichten, de mogelijkheid bieden om de nooddiensten die ter plaatse hulp bieden via sms te bereiken.

Tot slot vergemakkelijkt het BIPT via het eengemaakte meldplatform (zie rubriek “Praktische informatie”) de mogelijkheid voor de nooddiensten die ter plaatse hulp bieden, om in geval van technische moeilijkheden tijdens de noodoproep contact op te nemen met een operator.

Het BIPT heeft tot taak de naleving van de wetgeving te controleren en eventuele inbreuken te bestraffen.

Het wettelijke kader is als volgt:

Systeem voor waarschuwing van het publiek

Op verzoek van een burgemeester, een provinciegouverneur, de overheid van de Brusselse Agglomeratie die bevoegd is krachtens artikel 48 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse Instellingen of de minister tot wiens bevoegdheid Binnenlandse Zaken behoort, moeten de mobiele operatoren berichten naar de bevolking verspreiden om ze te waarschuwen in geval van dreigend gevaar of grote ramp en om ze te informeren teneinde de gevolgen ervan te beperken.

Het volgende wettelijke kader is ter zake van toepassing: artikel 106/1 van de telecomwet en het koninklijk besluit ter uitvoering ervan, namelijk het koninklijk besluit van 23 februari 2018 betreffende de verzending van een kort tekstbericht in geval van dreigend gevaar of grote ramp.

Documenten

Newsletter

Als u e-mailwaarschuwingen wenst te krijgen, geef dan uw e-mailadres en uw interesse(s) op.

Het BIPT verwerkt deze twee of drie persoonlijke gegevens (e-mailadres (eventueel uw naam en voornaam) en interesses) om u deze berichten te bezorgen; indien u zich op een dag uitschrijft, zullen uw gegevens niet langer verwerkt worden en zullen ze worden gewist.

U zult uw inschrijving moeten bevestigen. U zult te allen tijde zich kunnen uitschrijven of uw profiel kunnen aanpassen via de link om uit te schrijven of door ons te contacteren via het adres webmaster@bipt.be.

Meer weten over de cookies of over de bescherming van uw persoonsgegevens?

Naar boven