Kabels, bovengrondse lijnen en bijbehorende uitrustingen worden behandeld in Hoofdstuk IX van Titel III van de wet van 21 maart 1991 (de artikelen 97 tot 105). Een operator van een openbaar telecommunicatienet mag namelijk gebruikmaken van het openbaar domein en van particuliere eigendommen om kabels, bovengrondse lijnen en bijbehorende uitrustingen aan te leggen en daaraan alle werk uit te voeren onder de voorwaarden van Hoofdstuk IX van Titel III van de wet van 21 maart 1991.
Alvorens kabels, bovengrondse lijnen en bijbehorende uitrustingen op het openbaar of privédomein aan te leggen, moeten operatoren van een openbaar telecommunicatienetwerk contact opnemen met de overheid die bevoegd is voor het openbaar domein of met de persoon wiens eigendom tot steun dient, dan wel overspannen of overschreden wordt.
Alle operatoren van een openbaar telecommunicatienetwerk zijn kosteloos daartoe gerechtigd.
In geval van betwisting tussen de operator en de overheid die bevoegd is voor het openbaar domein of de eigenaar van het privédomein, zijn andere regels van toepassing.
Gebruik van het openbaar domein door een operator
Alvorens kabels, bovengrondse lijnen en bijbehorende uitrustingen op het openbaar domein aan te leggen, moeten operatoren van een openbaar telecommunicatienetwerk het plan van aanleg en de bijzonderheden ervan ter goedkeuring voorleggen aan de overheid die bevoegd is voor het openbaar domein.
Die overheid neemt binnen twee maanden na de indiening van het plan een beslissing en deelt die mee aan de betrokken operator van het openbare telecommunicatienetwerk. Na het verstrijken van die termijn geldt het stilzwijgen van de overheid als goedkeuring.
Bij blijvende onenigheid wordt beslist bij koninklijk besluit.
Het BIPT heeft op dat gebied geen enkele bevoegdheid.
Gebruik van privédomein door een operator
Voor de aanleg van kabels, bovengrondse lijnen en bijbehorende uitrustingen heeft elke operator van een openbaar telecommunicatienet het recht kosteloos vaste steunen aan te brengen op muren en gevels langs de openbare weg, gebruik te maken van open en onbebouwde gronden, of eigendommen zonder aanhechting of aanraking te overspannen of te overschrijden.
Indien een operator van een openbaar telecommunicatienet het voornemen heeft kabels, bovengrondse lijnen en bijbehorende uitrustingen aan te leggen, op te ruimen of hieraan werk uit te voeren, probeert hij met degene wiens eigendom tot steun dient dan wel overspannen of overschreden wordt, tot een overeenkomst te komen over de plaats en de wijze van uitvoering van het werk.
Bij gebrek aan overeenkomst geeft de operator aan degene wiens eigendom tot steun dient dan wel overspannen of overschreden wordt, bij een ter post aangetekend schrijven een duidelijke beschrijving van de voorgenomen plaats en de wijze van uitvoering van het werk.
Binnen acht vrije dagen na de ontvangst van dit schrijven kan degene wiens eigendom tot steun dient dan wel overspannen of overschreden wordt, een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij het BIPT. De indiening van het bezwaarschrift schorst de uitvoering van het voornemen.
De persoon die het gemotiveerd bezwaarschrift indient, wordt verzocht een kopie bij te voegen van de ter post aangetekende brief die de operator heeft verstuurd, of de naam van de operator, alsook het volledige adres van de contactpersoon te vermelden.
Binnen een maand na de ontvangst van het bezwaarschrift hoort het BIPT beide partijen en neemt het een gemotiveerde beslissing.